9 Crimes

Depressie is keihard. Onvoorspelbaar. Onzeker. Gelukkig niet meer zo beangstigend als vroeger. Toen wist ik nog niet wat er allemaal ging of kon gebeuren. En het ergste was, ik wist toen nog niet dat er ook weer betere tijden zouden komen. Dat weet ik nu wel en daar hou ik me dan ook maar aan vast.

Vanochtend heb ik alleen maar lopen huilen. Niet van verdriet. Niet van pijn. Niet van angst. Ik huilde gewoon vanuit niets en juist dat niets is wat een depressie zo vreselijk ondraaglijk maakt.

Het volgende moment huil ik ineens wel om iets. Dan voel ik rouw. Rouw om het leven. Om het leven wat ik wel heb en het leven wat ik niet heb.

We noemen het chronisch ziek zijn. Verzachtend. Chronisch. Chronisch is langdurig. Feitelijk ben ik ongeneeslijk ziek, maar dat klinkt zo ondraaglijk.

Er zijn zoveel dingen die ik zou willen zeggen of schrijven, maar niet doe omdat ik anderen wil beschermen. Er zijn ook zoveel dingen die ik niet schrijf of zeg, uit angst voor wat anderen gaan zeggen of schrijven.

“Ik leer je nu van een compleet andere kant kennen.” Nee, je leert me nu pas kennen. Het spijt me. Degene die jij dacht dat ik was, dat ben ik niet. Mijn hele leven was een leugen.

Ik wist niet dat je kon rouwen om je eigen leven, maar het kan. Het moet in vele gevallen zelfs. Tijdens ieder herstel, of het nu van alcohol, drugs, automutilatie of een eetstoornis is, komt een moment dat je de rouw moet toelaten. Dat je zult moeten aanvaarden dat je tot dan toe je leven niet geleefd hebt, dat je het niet meer terug kunt draaien en dat je het kwijt bent. ♥