Teleurstelling

Als ik mijn ogen open is het nog te vroeg. Te vroeg om op te staan. Ik moet zo lang mogelijk blijven liggen, zodat de dag zo kort mogelijk duurt en er dus zo min mogelijk tijd is om iets te eten. Ik doe mijn ogen weer dicht en slaap verder.

Elf uur. Dat is een redelijke tijd om op te staan. Ik sta op, trek mijn nachtkleding uit en loop naar het toilet. Daarna door naar de badkamer. Ik pak de weegschaal. Voordat ik erop ga staan trek ik het elastiekje uit mijn haar en kam mijn haren nog door. De losse haren, wat er steeds meer worden, wapperen richting de grond. Ik haal diep adem en ga voorzichtig op de weegschaal staan. Het gewicht is gelijk gebleven.

Ik blijf stil staan. Niet afgevallen. Ik voel teleurstelling. Geen euforie van gewicht verliezen. Geen paniek omdat ik ben aangekomen. Teleurstelling. Ik ga nogmaals op de weegschaal staan. Het gewicht is nog steeds hetzelfde. Ik voel nog steeds niets. Ik verplaats de weegschaal naar de andere kant van de badkamer en ga er nogmaals op staan. Paniek. 0,2 erbij. Hoe kan dat? Ik verplaats de weegschaal naar nog een andere kant van de badkamer. Hier is het gewicht weer gelijk. Ik neem de weegschaal mee naar beneden. Daar ben ik weer 0,2 zwaarder. Ik ga weer naar boven en probeer rustig te blijven. Ik zet de weegschaal weer op de plek waar ik normaliter als eerste weeg. Daar was het gewicht hetzelfde als gisteren. Oké, daar laten we het dan bij.

Ik loop naar beneden, zet koffie en steek een sigaret op. Ik ga naar het toilet en moet de neiging om me weer te wegen onderdrukken. Morgen pas weer. En dan moet er écht iets af zijn.

*Dit is niet de huidige situatie, dit is een terugblik.