De Hemel

Na het blogje van vanochtend heb ik koffie gezet en ben ik gaan liggen op de bank. We zijn nu ruim twee uur verder. Ik heb nog niemand gezien, niemand gesproken. Mijn uitzicht is mooi. Ik kijk naar buiten en zie alleen maar groen. Bomen, planten, struiken en een grijze lucht.

Peter ligt nog op bed. Dankzij onze uiteenlopende ritmes, hij een avondmens, ik een ochtendmens, loopt dat goed zo naast elkaar. We moeten er allebei niet aan denken om de hele dag om elkaar heen te drentelen. Net als werkende mensen, zien ook wij elkaar maar een paar uurtjes per dag. En dat terwijl we 24 uur per dag in hetzelfde huis zijn. Dit vinden we allebei prettig. Peter is graag alleen, al is het voor hem geen must. Voor mij wel. Ik krijg energie van alleen zijn. Bij mensen in de buurt zijn vind ik niet prettig en het trekt me leeg. Op slechte dagen ga ik zelfs meteen naar bed zodra hij eruit komt. Dan verdraag ik niemand om me heen, zelfs Peter niet. Het is bizar hoe goed hij daar mee om kan gaan.

Soms denk ik na over hoe ontzettend graag ik alleen ben. Dat ik hoop dat Peter eerder dood gaat, en die kans is vrij reΓ«el met zijn verslavingen, omdat ik dan nog een periode alleen kan wonen. Misschien dat ik daarom ook zo uitzie naar de dood. Het grote niets. Het altijd alleen zijn. Het eeuwige donker. De zalige stilte. De hemel. β™₯